20    Het is tijd

Vreemde tijden
Wouter Kusters
- 1 reactie

Tijdnood
Marleen Rensen

Van hier naar vroeger
Balt van Rees

'Tijd' in Sein und Zeit van Martin Heidegger
Victor Kal
- 2 reacties

Zonder uitweg
Daisy van de Zande
- 2 reacties

Tijd en dramaturgie
Erik Laeven
- 2 reacties

Column: Elastici-tijd
Aniek Hollanders
- 2 reacties

colofon  issn 1879-8144  14 mei 2009

Alle edities   Vakgebieden            
English   Over Blind       Vacatures
Volg ons:               
© 2004–2019 Blind    disclaimer   cookies

 

BLIND
20
 online interdisciplinair tijdschrift  
BLIND 20
alle edities      



zoeken + vakgebieden       



random editie       



vorige editie       



volgende editie       
naar boven       

Wij praten en denken vaak in metaforen. Dat wat wij directer kunnen begrijpen en waarnemen wordt een metafoor voor iets dat abstract is. Dit gebeurt niet alleen in taal: ook onze concepten lijken in termen van metaforen geordend, zoals bijvoorbeeld de metafoor 'ruimte' voor 'tijd' zeer diep geworteld lijkt in ons denken en waarnemen. Om deze hypothese aan te tonen moet de metafoor niet alleen in onze taal kunnen worden waargenomen, maar ook in andere uitingsvormen. Daisy van de Zande laat zien hoe in de film Twelve Monkeys, waarin de hoofdpersoon James Cole verschillende tijden in het verleden bezoekt, 'tijd in ruimte' wordt verbeeld.

Daisy van de Zande behaalde haar master in Film Studies aan de Universiteit van Amsterdam. Zij heeft daarin onderzoek gedaan naar de relatie tussen tijd, ruimte en geluid in film. Nu werkt zij aan de Universteit van Amsterdam bij de leerstoelgroep media en cultuur.


Lees het artikel

BLIND 20 - Het is tijd
sluiten

Hoofdredactie

Maud Dahmen
Martin Olsthoorn


Eindredactie

Gerard van den Akker
Sarah Welling (Engelse taal)


Redactie

Aniek Hollanders
Swaan van Iterson
Katja de Jong
Daphne van der Pas
Arno Verweij (webmaster)


Redactieraad

drs. Kim van den Berg
dr. Wim Ghijsen
dr. Casper de Groot
drs. Machiel Keestra
dr. Bernard Kruithof
drs. Tamara Metze
dr. Onno Meijer
Lucy Wenting, MA


klik hier voor huidige redactie


sluiten

Zonder uitweg

De metaforische verbeelding van tijd in film

              
alle bijdragen van deze auteur
korte inleiding & meer over de auteur
all articles by this author
short intro & about the author
artikel door Daisy van de Zande

'He couldn't quite grasp the idea that the Charge Nurse couldn't make it be yesterday. She couldn't turn back time, thank you, Einstein! Now, he was nuts! He was a fruitcake, Jim!' Jeffrey Goines in Twelve Monkeys.

Ieder mens lijkt een idee te hebben van wat tijd 'doet' met zijn leven. Tijd maakt ons ouder en geeft ons herinneringen. Soms vliegt de tijd en zo nu en dan willen we hem terugdraaien. Maar tijd is niet te stoppen en bovendien onomkeerbaar. Als we proberen om te begrijpen wat het nu werkelijk is, ontglipt ons het vermogen om tot de essentie te komen. Het is een van de meest abstracte concepten van onze werkelijkheid en tegelijkertijd een van de fundamentele elementen van ons universum.

Om toch grip te krijgen op zo'n abstract concept gebruiken mensen concrete termen. Dit idee is uitgewerkt in Metaphors we live by (Lakoff en Johnson, 1980) van linguïst George Lakoff en filosoof Mark Johnson, dat een keerpunt markeert in het onderzoek naar de metafoor.1 Lange tijd werd deze stijlfiguur beschouwd als een louter talige uiting, tot Lakoff en Johnson beweerden dat het primair een conceptueel fenomeen is.

De plaats van de metafoor ligt in ons denken, niet in de taal: 'Metaphor is a major and indispensable part of our ordinary, conventional way of conceptualizing the world, and [...] our behavior reflects our metaphorical understanding of experience.' (Lakoff, 1993, p. 204) De kern van deze opvatting is dat ons denken in essentie belichaamd is en dat onze rede gevormd wordt door onze lijfelijke ervaring. (Lakoff en Johnson, 1999, p. 5)

Het komt erop neer dat de mens fenomenen die hij kan zien, horen, voelen, ruiken en/of proeven makkelijker kan begrijpen en categoriseren dan fenomenen waarbij hij dat niet kan. Iets wordt concreet als het waarneembaar is: een gebrek daaraan maakt het abstract. Om toch grip te krijgen op deze abstracte concepten begrijpen mensen ze systematisch in termen van concrete concepten. (Forceville, 2006, p. 379) Een metafoor werkt dan als volgt: bepaalde eigenschappen van het tweede, concrete, begrip (de bron) worden overgeheveld op het eerste, abstracte, begrip (het doel). Zo worden in de metafoor 'deze man is een wolf' de eigenschappen van een wolf, bijvoorbeeld 'bloeddorstig', 'agressief' of 'gemeen', overgebracht op 'deze man'. Dit geldt voor zowel creatieve (poëtische) metaforen als voor metaforen die dieper geworteld zitten in ons conceptuele systeem.

Weten is zien

In de afgelopen dertig jaar is de opvatting dat ons denken voor een aanzienlijk deel metaforisch is gestructureerd2 uitgewerkt in een groot aantal onderzoeken die binnen hun eigen terrein – taalwetenschap, psychologie, filmwetenschap, filosofie – een overeenkomstig onderzoeksobject hebben: cognitie. In deze onderzoeken wordt getoond hoe concepten als 'liefde', 'kennis', 'leven' of 'seks' systematisch in andere, concrete, termen worden begrepen. Met de volgende uitingen blijkt hoe alomtegenwoordig de metafoor is in ons denken:

'Ik zie waar je op doelt', 'Je argument is helder' (weten is zien).
'Met die actie veroverde hij haar hart' (liefde is oorlog).
'Hij stond op een kruispunt van zijn leven', 'Haar leven leek even stil te staan' (leven is reizen).
'Daar loopt een lekkere vent', 'Ze kan hem wel opeten' (seks is eten).

Bij conceptuele metaforen worden ook eigenschappen overgeheveld, alleen herkennen we deze metaforen niet meer als zodanig en behoren de eigenschappen van de bron inherent toe aan die van het doelconcept.

Tijd is ruimte

Een dergelijke metaforische structuur is ook van toepassing als het gaat om het conceptualiseren van tijd. Als we het over tijd hebben, dan gebruiken we hiervoor over het algemeen ruimtelijke termen: we kijken '(voor)uit' naar de dag van morgen; we lopen 'achter' op schema; we 'verplaatsen' de vergadering twee dagen; we zijn blij als we die vreselijke gebeurtenis 'achter' ons ligt; jongeren hebben hun hele leven nog 'voor' zich; sommigen krijgen kriebels bij het idee dat de kerstdagen er weer 'aankomen'. Uit deze voorbeelden blijkt al dat we de toekomst voorstellen als iets dat vóór ons ligt en het verleden als iets dat áchter ons ligt. Verschillende studies tonen aan dat er een systematische relatie is tussen de begrippen 'tijd' en 'ruimte' (Bierwisch, 1996; Yu, 1998; Boroditsky, 2000; Gentner et al., 2002). Ning Yu stelt zelfs dat het onmogelijk is om tijd direct of letterlijk te begrijpen zonder terug te vallen op de ruimtelijke metafoor. (Yu, 1998, p. 84) De conceptuele metafoor aangaande temporele relaties is dan 'tijd is ruimte' waarbij, afhankelijk van de context en de uiting, verschillende ruimtelijke eigenschappen ook gelden voor tijd.3

Deze metafoor wordt vaak op twee verschillende manieren begrepen. Enerzijds kun je tijd zien als iets dat beweegt, dat om ons heen stroomt als ware het een rivier (time-moving metaphor). Hierbij komen gebeurtenissen op ons af en passeren ons, waarbij wij gefixeerd zijn. Anderzijds kun je tijd zien als een vaste locatie, waarbij wij bewegen door deze verschillende (temporele) locaties (ego-moving metaphor). In dit geval is de tijd een soort lijn waarover wij bewegen en waar gebeurtenissen plaatsvinden; het meest conventionele voorbeeld hiervan is de tijdlijn in een geschiedenisboek. (Gentner et al., 2002, pp. 538-539)

Cirkelredenering

Tot zover hebben we alleen verbale voorbeelden gezien waarin we de metafoor 'tijd is ruimte' kunnen traceren. De meeste studies naar conceptuele metaforen zijn gebaseerd op verbale uitingen. Hierin schuilt echter een valkuil: als men claimt dat de metafoor niet een talige uiting maar een fundamentele cognitieve structuur is, en daarbij verbale voorbeelden gebruikt om deze hypothese te bewijzen, dan loopt men het gevaar in een cirkelredenering te verzanden. Bovendien, als de metafoor werkelijk een conceptuele structuur is en de gesproken of geschreven metaforische uiting slechts een oppervlaktemanifestatie, dan is het aannemelijk dat de metafoor zich ook op een andere wijze dan in verbale vorm uit (Forceville, 1996; 2006). Aangezien de metafoor 'tijd is ruimte' zo diep in onze ervaring van tijd lijkt geworteld, is het van belang om met non-verbale voorbeelden te komen.

Inmiddels zijn er diverse wetenschappelijke studies naar de visuele, of beeldende, metafoor gedaan die dit onderzoeksveld uitbereiden (Kennedy, 1982; Whittock, 1990; Carroll, 1996; Forceville, 1996, 2004, 2005; El Refaie, 2003). Hierin wordt gesteld dat metaforen vaak op verschillende en gecombineerde manieren tot uiting komen: in geschreven tekst, gebaren, beelden, muziek en geluid. In de film kan men al deze verschillende modaliteiten tegelijk onderzoeken – daarmee is het een uitstekend onderzoeksobject om naar bewijzen te zoeken voor de conceptuele metafoortheorie. Wat de conceptuele metafoor 'tijd is ruimte' betreft, is het niet moeilijk om een filmgenre te bedenken waarin deze metafoor te traceren zal zijn. Als we de tijd voorstellen als een lijn waarover we ons kunnen bewegen, dan zijn het verleden, heden en toekomst daar vaste locaties op (ego-moving metaphor). Het idee je te kunnen bewegen tussen het heden, verleden en toekomst – oftewel tijdreizen – is een onuitputtelijke bron voor films en literatuur. Uiteraard, in het woord 'tijdreizen' ligt de metafoor al besloten: het reizen is een verplaatsing – een ruimtelijke beweging.

Verschillende tijden worden vaak als meervoudige, parallelle werelden voorgesteld. Deze voorstelling van tijd vinden we terug in films als The Time Machine (George Pal, 1960, met een remake van Simon Wells, 2002), Back to the Future, Back to the Future Part II en Back to the Future Part III (Robert Zemeckis, 1985, 1989, 1990), Bill and Ted's Excellent Adventure (Stephen Hereck, 1989), Twelve Monkeys (Terry Gilliam, 1995) en Kate & Leopold (James Mangold, 2001). In elk van deze films reizen er personages naar het verleden of de toekomst met behulp van een voertuig of via een temporeel 'gat': in Back to the Future is het de beroemde DeLorean die de hoofdpersonen naar 1955 en weer terug naar 1985 brengt. Bill en Ted maken in hun Excellent Adventure gebruik van een speciale telefooncel om door de geschiedenis te reizen en Leopold vindt in Kate & Leopold via een gat in de buurt van de Brooklyn Bridge zijn weg van 1870 naar 2001. De metafoor 'tijd is ruimte' is op verschillende manieren te traceren: in de mise-en-scène, de dialogen, de montage en de cinematografie. Twelve Monkeys is een film waarbij al deze middelen worden ingezet om tijd metaforisch verbeelden.

Twelve Monkeys

Het verhaal van deze film is gesitueerd in 2035, waar bijna alle mensen op aarde weggevaagd zijn door een dodelijk virus. Slechts een kleine groep heeft het overleefd en woont ondergronds. Als onderdeel van zijn straf wordt de gedetineerde James Cole naar 1996 teruggezonden om het virus op te sporen, zodat wetenschappers een middel kunnen vinden om zich ertegen te beschermen en weer bovengronds te wonen. Hij wordt echter per ongeluk naar de verkeerde tijd gestuurd: de eerste keer komt hij in 1990 terecht, de tweede keer belandt hij in de Eerste Wereldoorlog. Pas bij een derde expeditie komt hij in 1996 uit. Tijdens zijn eerste tijdreis ontmoet hij psychiater Kathryn Railly, die hem beoordeelt als een psychiatrisch patiënt met waanideeën. Later, als Cole haar weer tegen het lijf loopt in 1996, weet hij Kathryn ervan te overtuigen dat hij werkelijk 'uit de toekomst' komt en dat ze hem moet helpen bij het opsporen van het virus. Ze worden op de hielen gezeten door de politie en besluiten per vliegtuig naar de Oostkust te vluchten. Op het vliegveld ontdekken ze dat de boosdoener op het punt staat om met het dodelijke virus de wereld over te vliegen. In een poging deze man te stoppen wordt James Cole neergeschoten. Een kleine jongen is getuige van deze gebeurtenis: het is de jonge James Cole.



Op verschillende momenten en in verschillende modaliteiten kunnen we de metafoor 'tijd is ruimte' traceren. Als Cole voor het eerst gelanceerd wordt, belandt hij in 1990 alwaar hij wordt opgepakt en in een psychiatrisch ziekenhuis wordt opgenomen. Hij krijgt de kans om zijn situatie toe te lichten en de volgende dialoog ontvouwt zich:

Dokter 1: 'Are you going to save us mr. Cole?'
Cole: 'How can I save you? This already happened. I can't save you, nobody can. I'm just here to gather information to help the people in the present chase the path of the virus.'
Dokter 2: 'We are not in the present now, mr. Cole?'

Verschillende elementen impliceren de metafoor. Als Cole uitlegt dat hij de mensen van deze tijdszone niet kan redden, gebruikt hij het woord 'hier': hij is aanwezig in de ruimte van 1990. De tweede dokter is uiteraard verward en wijst met zijn handen naar een plek recht voor hem als hij het woord 'nu' uitspreekt. Het 'nu' ligt recht voor hem. Later in dit gesprek vraagt Cole of hij mag bellen met de wetenschappers die hem stuurden: 'They want to know that they have sent me to the wrong time.' Het werkwoord sturen of zenden impliceert evengoed een ruimtelijke beweging.

Deze bewegingen naar een andere tijdszone worden ook visueel en auditief zichtbaar gemaakt. Vrijwel in het begin van de film zien we hoe Cole van zijn huidige tijd naar een andere wordt vervoerd. Vanuit de gevangenis wordt hij in een speciale capsule geplaatst. Dit kunnen we zien als het voertuig. Vervolgens wordt deze capsule naar een portaal gebracht, waaruit een helder blauw licht valt als het zich opent. Hierin zien we het idee van een gat of deur die de doorgang vormt tussen de ene (temporele) locatie en de andere. Het portaal geeft toegang tot een tunnel, die eveneens dezelfde eigenschappen impliceert als het portaal.

Als de capsule klaar is voor vertrek, wordt deze met grote kracht weggeschoten in de tunnel (wederom een beweging). In plaats van dat we de gehele capsule zien voortbewegen, toont het beeld lijnen en lichtflitsen die steeds sneller om elkaar heen lijken te draaien, om de beweging (of de ervaring daarvan) uit te drukken. Deze beelden worden aangevuld met een geluid dat doet denken aan een opstijgend vliegtuig. Met een 'swoesh' waarbij het geluidsniveau en de toonhoogte steeds meer toenemen, wordt bij de kijker het gevoel gegeven dat er beweging plaatsvindt. In zowel beeld als geluid kunnen we dus de metafoor 'tijd is ruimte', en meer bepaald 'verstrijken van tijd is ruimtelijke beweging', construeren.

Zoals eerder gesteld worden het verleden, heden en toekomst vaak begrepen als locaties die je kunt binnengaan of verlaten. Dit komt wederom tot uiting op de momenten waarop Cole aangeeft dat hij het prettig vindt om in het jaar 1996 te zijn: hij geniet van de frisse lucht en hij houdt van de muziek van de twintigste eeuw. Het is duidelijk dat hij 1996 beschouwt als een andere 'plaats' en beschrijft elementen die deze plaats zo aangenaam maken. Dit gegeven wordt nog duidelijker als Kathryn hem wil uitleveren aan de politie. Cole ontsnapt aan haar vingers en rent een greppel in, schreeuwend dat hij vrij wil zijn: 'I love this world!' Hij houdt van het water, de bossen en de lucht. Ook hier zien we hoe de term 'wereld' metaforisch wordt gebruikt voor de tijd waarin hij zich bevindt. Maar deze metaforische wereld voor een tijd wordt niet alleen in verbale uitingen overgebracht. Elke scène waarin Cole in een andere tijd aankomt, begint met een zogenaamde establishing shot. Dit is een overzichtsshot waarbij de camera op een grote afstand van een object is en zo de ruimte toont waarin het object en de actie zich begeven.4 Zo begint een sequentie waarin Cole in 1996 Kathryn opnieuw opzoekt met een establishing shot (extreme long shot) van een universiteitsgebouw waar Katrhyn op dat moment een lezing bijwoont. Rechtsonder in het kader wordt de tijd (evenals locatie) vermeld. In dit cinematografisch middel kunnen we onze ruimtelijke conceptie van tijd terugvinden.

Uit bovenstaande analyse blijkt dat niet alleen het personage James Cole zijn 'reis' door de tijd ervaart als een verplaatsing van locatie naar locatie. De metafoor 'tijd is ruimte' zit verborgen in veel meer filmische elementen dan alleen verbale. Ondanks dat het reizen door de tijd een diepgewortelde cognitieve structuur lijkt te zijn, beschouwen de doktoren – en op den duur hijzelf ook – Cole als een volslagen gek die lijdt aan waanideeën. Niet alleen zijn opdracht valt hem zwaar, maar ook het leven in meerdere tijdslagen tegelijk blijkt een zware opgave. Cole probeert dan ook te vluchten zodat hij samen met Kathryn in het door hem zo geliefde 1996 kan blijven. Maar er lijkt letterlijk geen ontsnappen aan de tijd: Cole moet zijn vlucht van de tijd met de dood bekopen.

Noten

1. Al in 1979 verscheen de bundel Metaphor and Thought onder redactie van Andrew Ortony waarin, naast anderen, Lakoff en Johnson een bijdrage hadden.
2. Uiteraard begrijpen we de werkelijkheid ook letterlijk (Lakoff, 1993, pp. 203-205).
3. Uit een recente studie blijkt dat de Aymara-indianen in het Andesgebergte een andere perceptie van tijd hebben: ze hebben de toekomst achter zich en het verleden voor zich liggen. Dit is bewezen door een analyse van de gebaren die men maakt bij het spreken over tijd. Desalniettemin is er toch sprake van de metafoor 'tijd is ruimte' en is ook hier het lichaam het referentiekader: Aymara-indianen beschouwen de toekomst achter hun rug, omdat men deze niet kan 'zien'. Men heeft daarentegen wel kennis van het verleden, die daarmee dus 'zichtbaar' is. (Vlasblom, 2006; Núñez en Sweester, 2006)
4. In Film. A Critical Introduction wordt het establishing shot als volgt omschreven: 'In a standard shot sequence, the establishing shot is the first shot. Its purpose is to provide a clear representation of the location of the action.' (Pramaggiore en Wallis, 2008, p. 433)

Lees nóg een artikel over

film

psychologie

taalwetenschap


of lees verder in

of deel

                   

Noten en/of literatuur

Bierwisch, M., 'How much space gets into language?', in: P. Bloom et al (red.), Language and Space, Cambridge, 1996, pp. 31-76.

Boroditsky, L., 'Metaphoric StructuringL Understanding Time through Spatial Metaphors', in: Cognition 75, 1, April 2000, pp. 1-28.

Carroll, N., 'A note on film metaphor', in: N. Carroll, Theorizing the moving image, Cambridge, 1996, pp. 212-223.

El Refaie, E., 'Understanding visual metaphor. The example of newspaper cartoons', in: Visual Communications 2, 1, 2003, pp. 75-92.

Forceville, C., Pictorial metaphor in advertising, London, 1996.

Forceville, C., 'The role of non-verbal sound and music in multimodal metaphor', in: H. Aertsen, M. Hannay en R. Lyall (red.), Words in their place. A festschrift for J. Lachlan Mackenzie, Amsterdam, 2004, pp. 65-78.

Forcevill, C., 'Visual representations of the idealized cognitive model of anger om the Asterix album La Zizanie', in: Journal of Pragmatics 37, 1, 2005, pp. 69-88.

Forceville, C., 'Non-verbal and Multimodal Metaphor in a Cognitivist Framework. Agenda's for Research', in: G. Kristainsen et al. (red), Cognitive Linguistics. Current Applications and Future Perspectives, Berlijn, 2006, pp. 379-402.

Gentner, D., M. Imai en L. Boroditsky, 'As Time goes by: Evidence for Two Systems in Processing Space-Time Metaphors', in: Language and Cognitive Progresses 17, 5, 2002, pp. 537-565.

Kennedy, J.M., 'Metaphor in pictures', in: Perception 11, 5, 1982, pp. 589-605.

Lakoff, G. en M. Johnson, Metaphors we live by, Chicago, 1980.

Lakoff, G., 'The contemporary theory of metaphor', in: A. Ortony (red.), Metaphor and thought, Cambridge, 1993, pp. 202-251.

Lakoff, G. en M. Johnson, Philosophy in the Flesh: The Embodied Mind and its Challenge to Western Thought, New York, 1999.

Núñez, R.E. en E. Sweester, 'With the Future Behind Them: Convergent Evidence From Aymara Language and Gesture in the Crosslinguistic Comparison of Spatial Construals of Time', in: Cognitive Science 30, 2006, pp. 1-49.

Ortony, A. (red.), Metaphor and Thought, Cambridge, 1979.

Prammaggiore, M. en T. Wallis, Film. A Critical Introduction, Boston, 2008.

Vlasblom, D., 'Aymara's hebben uniek tijdsbesef', in: NRC Handelsblad, 22 juni 2006, http://www.nrc.nl/buitenland/article1695441.ece/ (15 april 2009).

Whittock, T., Metaphor and film, Cambridge, 1990.

Yu, N., The Contemporary Theory of Metaphor. A Perspective from Chinese, Amsterdam, 1998.

Reactie van Bartje

Geplaatst op 14 mei 2009 om 10:37:03

Ik ben niet zo'n fan van George Lakoff en Mark Johnson, maar ik vond dit een interessant stuk.


Reactie van Merle Ann van de Zande

Geplaatst op 14 mei 2009 om 18:40:57

Boeiende uiteenzetting. Zelfs voor iemand die niet zo 'klinisch' naar film heeft gekeken goed te begrijpen. De basisbegrippen had je mij al verklapt, maar het was fijn alles in de correcte context terug te zien. Ik miste een metafoor waarmee ik zelf nu de tijd ervaar, namelijk die van een lijn met een wensmoment aan het eind, dat ik hand over hand naar me toe trek (Curaçao januari 2011). Telt dat ook mee? :)


Reageren




De redactie behoudt zich het recht voor om reacties in te korten of te verwijderen indien daar reden toe is.


           


Lees nóg een artikel over

film

psychologie

taalwetenschap



Alle edities   Vakgebieden  
             
Wilt u op de hoogte gehouden worden van nieuwe edities en activiteiten van Blind? Meldt u aan voor onze digitale nieuwsbrief:



Het e-mailadres wordt alleen gebruikt voor toezending van de e-mail met de links naar de nieuwe editie. Het adres staat opgeslagen bij MailChimp. MailChimp hanteert een eigen privacybeleid waarmee u instemt als u zich abonneert op onze nieuwsbrief. Elke nieuwsbrief toont een link waarmee toezending kan worden gestopt. Om uw adres eventueel nog te laten verwijderen uit het opzeggingenbestand stuurt u een e-mail aan redactie@ziedaar.nl.