Seks en erotiek in hindoeïsme en boeddhisme

Seks en erotiek in hindoeïsme en boeddhisme

Westerlingen denken bij de woorden ‘hindoeïsme’ of ‘boeddhisme’ vaak allereerst aan yogi’s, asceten en mediterende monniken, terwijl korte tijd later vaak ook het woord ‘Kamasutra’ valt. Het contrast kan haast niet groter zijn dan dit: de asceten onthouden zich van erotiek terwijl de Kamasutra juist vol staat met de meest hevige passages. Nu is het inderdaad waar dat er binnen hindoeïsme en boeddhisme vaak grote waardering is voor ascetisme. Een hindoeasceet, of een boeddhistische monnik of non, verdient doorgaans veel respect in de Aziatische culturen vanwege zijn puurheid, die hij heeft omdat hij of zij zich van seks onthoudt. Juist het feit dat zowel de asceet als de monnik of non zich onthouden van erotiek impliceert dat zij buiten de wereld staan en daarmee bijna bij de wereld van de goden gaan horen. In het hindoeïsme is ook te zien dat juist de onthouding van de asceet betekent dat hij een enorme potentie in zich draagt, een potentie die tot verlichting, maar ook tot erotiek en vruchtbaarheid, kan leiden. Hoe celibatair een hindoeasceet dan ook kan leven, de associatie met de enorme erotische vermogens die hij zou hebben is doorgaans zeer prominent aanwezig. Boeddhistische monniken leven volgens de regels van de Vinaya, regels die terug zouden gaan op de Boeddha zelf. De Boeddha heeft erotisch contact tussen monniken en nonnen enerzijds en de leken anderzijds strikt verboden. Monniken en nonnen moeten streven naar bevrijding van het leed van het bestaan en erotiek staat hen daarbij in de weg.

Voor de alledaagse hindoe- en boeddhistische leken is erotiek een gewoon, zij het toch meestal wel zwaar beladen, onderdeel van het leven. Hindoes hebben in principe vier doelen in het leven: dharma, het nakomen van verplichtingen naar de familie, de kaste en de samenleving; artha, het verzamelen van genoeg rijdkom opdat men aangenaam kan leven; kama, erotiek die moet resulteren in nageslacht, bij voorkeur een zoon; moksha, bevrijding. In de praktijk is te zien dat juist de bevrijding de minst belangrijke van de vier is terwijl kama de belangrijkste lijkt. Het grootste ritueel in een hindoeleven is dan ook zondermeer het huwelijk. Iedere toerist die India bezoekt kent de vragen die bij de eerste ontmoeting worden gesteld: ‘Where are you from?’, ‘What’s your name?’, ‘Are you married?’. Huwelijk en erotiek vallen bijna met elkaar samen. Dit wil echter absoluut niet zeggen dat er alleen maar sprake zou zijn van erotiek binnen het huwelijk. In poëzie en andere kunsten wordt seks met personen met wie men niet getrouwd is echter hooglijk gewaardeerd, juist omdat in die relaties niet de bemoeienis zit van ouders, schoonouders en familie. Men moet hierbij bedenken dat de meeste hindoes trouwen langs de weg van het gearrangeerde huwelijk, zodat de huwelijkskandidaat waarmee men in het huwelijksbootje stapt lang niet altijd ‘de ware’ is, althans niet in eigen ogen. Familieperikelen, kasteregels en afspraken rond de horoscoop en de bruidsschat spelen hierbij een grote rol. De geliefde, de buitenechtelijk geliefde of de jeugdliefde is vaak wel een persoon van eigen keuze. Vandaar dat in de fantasieën van de mensen de buitenechtelijke liefde vaak geassocieerd wordt met ongebreidelde passie en hartstochtelijke overgave.

Voor veel hindoes betekent het huwelijk een beknellende inperking van het leven. Het is dan ook niet verwonderlijk dat er op bepaalde momenten van het jaar opeens een doorbraak kan zijn van alle vaste regels en gewoonten die de mens inperken. Een belangrijk voorbeeld hiervan is het Holifeest of Phagwa, dat in het voorjaar wordt gevierd. Dit feest waarin Kamadeva, de god van de liefde, en Krishna, de charmante donkere koeherdersgod, een belangrijke rol spelen is op het platteland van India het feest bij uitstek waarin de mensen uiting geven aan onderdrukte gevoelens. Vaak gaat dit over sociale verhoudingen: lagekastemensen die door het jaar heen de toiletten van de hogere kasten moeten schoonmaken kunnen er nu met hun smerige borstels stevig op los slaan, maar het is ook het feest waarbij verborgen erotische verlangens naar buiten mogen komen. Sterker nog, als bij een huwelijk na verloop van tijd blijkt dat de vrouw maar niet zwanger wordt, dan wordt de oorzaak daarvan in eerste instantie altijd bij de vrouw gezocht. Uiteraard weet iedereen dat het ook aan de man kan liggen, maar dat wordt niet benoemd. Schoonmoeder in de familie raadt de jonge echtelieden dan vaak aan dit jaar maar eens goed Holi te vieren. Heel wat mensen weten wat dit impliceert. De echtelieden doen wat (schoon)moeder zegt en … enige maanden na Holi is de vrouw zwanger. Hoe groot toch is de genade van Kama of Krishna. Het komt ook voor dat wanneer er geen kinderen worden geboren men de toevlucht neemt tot een asceet die de vrouw kan ‘zegenen’. Enige tijd later is ze dan zwanger. ‘Zo groot zijn de “spirituele vermogens” van deze asceet’, zegt men dan, terwijl men best weet wat er is gebeurd. Toch zijn dit cultureel geëigende manieren om aan nageslacht te komen ondanks eventuele vruchtbaarheidsproblemen. Ligt het probleem wel aan de vrouw dan is het probleem beduidend groter.

Asceten staan tussen mensen en goden in, een rol zeer geregeld ingenomen door transseksuelen en homoseksuelen. In India is er de gemeenschap van de Hijra’s, transseksuele mannen die veelal geopereerd zijn en vrouwenkleding dragen. Ze hebben hun eigen godin Bahucheri Ma die op een pauw rijdt en vaak vereren ze ook Shikhandin, een held uit de Mahabharata die min of meer transseksueel was. Hijra’s kunnen heilwensen uitspreken, maar ook vervloekingen. Juist omdat ze tussen goden en mensen in staan, komen hun woorden vaak uit, zo is het idee. Gewone hindoes zijn vaak een beetje bang van hen, maar vinden ze ook vaak grappig en proberen hen er wel toe te brengen dat ze hun heilwensen daadwerkelijk uitspreken. Hijra’s dagen met name mannen vaak uit en het is belangrijk met de juiste humor met de Hijra’s om te gaan. Een man die niet de juiste grappen met de Hijra’s weet te maken en de juiste donatie aan hen geeft, verliest zijn gezicht in de buurt en is nog maanden het slachtoffer van roddels. Hijra’s duiken vaak op bij geboorten om hun wensen uit te spreken en wat de burgerlijke stand van India niet voor elkaar krijgt, lukt de Hijra’s wel: zij weten precies waar en wanneer iemand is geboren. Hijra’s zijn wel bijna altijd uit hun familie en hun kaste verwijderd door hun eigen ouders, broers en zussen en hun persoonlijke verhalen zijn vaak erg treurig.

In Thailand werken veel transseksuelen – de mannen in vrouwenkleding heten Kathoy, de vrouwen die zich mannelijk voelen heten Diitom – in de min of meer magische wereld van het boeddhistisch animisme. Ze handelen in amuletten en in andere magische objecten die grote krachten hebben. Zijzelf lopen door die krachten geen gevaar, omdat ze tussen de werelden van mannen en vrouwen in staan.

Echter, weinig erotiek is vindingrijker en veelvormiger dan de liefde van de goden. Voor goden verloopt de tijd niet, zij zijn eeuwig tussen de 19 en de 22 jaar oud. Dit impliceert dat hun liefdesspel heel anders in elkaar zit dan dat van de mensen en een gewone zwangerschap kan zich bij hen dan ook doorgaans niet voltrekken. Zo hebben Shiva en Parvati twee kinderen, maar geen van deze twee is ‘normaal’ geboren. Hun ene kind, Ganesha, is door Parvati gemaakt van haar eigen lichaamsvuil toen zij ooit in haar badkamer was. Ze stelt het kind aan als deurwachter en als Shiva thuiskomt houdt het jongetje hem tegen als hij de badkamer wil betreden. ‘Ik mag van mijn moeder niemand door laten!’. Shiva die niet van enige zwangerschap van Parvati op de hoogte was brandt met het vuur uit het derde oog dat hij op zijn voorhoofd draagt het hoofd van het kind weg. Parvati wordt hierom woedend en beveelt hem haar kind te repareren. Shiva vindt dan een olifant neemt daarvan het hoofd en plaatst dat op het lichaam van het kind. Zo komt Ganesha aan zijn olifantenhoofd. Het is merkwaardig, maar dit kind is met name het product van Parvati.

De andere zoon van Shiva en Parvati, Skanda, komt voort uit een samenwerking van een heleboel andere goden. De mythe is erg lang, dus we bekijken hier alleen een paar hoogtepunten. Op een dag hebben de demonen de goden in een strijd verslagen en Indra, koning van de goden, vlucht naar de bergen. Daar hoort hij dat alleen de zoon van Shiva de goden kan redden. Shiva echter, is verdiept in een duizendjarige ascese en er helemaal niet op uit een kind te gaan verwekken. De goden sturen dan Parvati, de dochter van de Himalaya, samen met Kamadeva, de god van de liefde, naar Shiva’s tuin. Rati, ‘liefdeslust’, de echtgenote van Kama en de god van de lente, Vasanta, gaan ook mee. Kamadeva treft Shiva met één van zijn bloemenpijlen. Shiva wordt wakker uit zijn ascese en brandt Kamadeva dood met het vuur uit zijn derde oog. Rati vraagt Shiva haar echtgenoot weer tot leven te brengen en dat doet hij ook, maar Kama heeft nu geen lichaam meer. Dit betekent dat liefde overal kan opbloeien, liefde heeft geen tijd nodig om te reizen, liefde of liefdeslust kan in ieder hart ontkiemen. Shiva heeft nu echter Parvati gezien en raakt hevig verliefd op haar. Ze trekken zich samen terug in een paleiskamer, maar aangezien bij de goden de tijd stil staat is een orgasme van 1000 jaar geen uitzondering. De goden worden ongeduldig omdat de oorlog doorgaat en er inmiddels haast is om de zoon van Shiva in te zetten. Ongeduldig kloppen ze op de deur van het paleis. Shiva gaat naar de deur en net op dat moment ejaculeert hij. Parvati is woedend dat ze nu niet zwanger is en ze vervloekt de goden: ze zullen zwanger worden van het zaad van Shiva. De goden moeten hierom lachen en zeggen dat dit niet kan. Agni, de god van het vuur, verandert zichzelf dan in een duif en neemt het zaad in zijn snavel. Echter, wat in het vuur wordt gegooid gaat rechtstreeks naar de goden, dus Parvati’s vervloeking komt uit en de goden raken wel degelijk zwanger van het brandende zaad van Shiva. De goden braken het zaad dan uit en Agni neemt het mee naar de Himalaya’s waar altijd een groep van zeven zieners met hun zeven vrouwen verblijft. Ze houden zich daar eeuwig bezig met yoga en meditatie. De vrouwen hebben zich gebaad in de Ganges en Agni weet het zaad bij zes van hen via hun poriën in te brengen. Het lukt hem niet bij Arundhati, die nog wel van hele lage afkomst is – ze stamt van de kaste van de hondeneters en die worden als zeer onzedig beschouwd. Zij was echter te deugdzaam, ze was haar echtgenoot helemaal trouw en Agni kan bij haar niets aanrichten. De zes vrouwen kunnen het zaad echter niet verdragen, ook zij braken het uit en het wordt in de Ganges gegooid. De golven van de rivier sissen door het brandende zaad en het wordt in het riet afgezet. Daar wordt Skanda geboren met als epitheton ‘Saravanabhava’, ‘hij die geboren is in het rietwoud’. Skanda betekent eigenlijk ‘ejaculatie’. Deze zoon van Shiva verslaat de demonen zeer snel en de goden heersen weer over het universum.

In het boeddhisme is de houding tegenover erotiek vaak zeer afwijzend. Erotiek houdt de mens af van de verlichting, zo is het idee. Het lichaam is een vieze zak van dun leer, gevuld met uitwerpselen, wormen en andere onreinheden die alleen maar ziekte in zich draagt, is een veelgehoorde omschrijving. Toch zijn er binnen het boeddhisme ook latere voorstellingen waarbij erotiek juist wordt gezien als het voertuig van de ziel. Volgens die veel latere leringen kunnen de passies juist een wezen tot het hogere inzicht brengen. Dit is een fors contrast met de oude celibataire levenswijzen uit de tijd van de Boeddha zelf. In het geheim werden deze erotische praktijken wel uitgevoerd. Ook in de kunst zijn hiervan voorbeelden te vinden. Zo zijn er voorstellingen van Boeddha’s met een vrouw ertegenaan, de zogenaamde Yab-Yumvoorstellingen, een Tibetaanse benaming. In dit geval verwijst de vrouw, die inactief is, naar wijsheid, terwijl de man, die als actief wordt gezien, naar mededogen verwijst. De een inspireert de ander. Juist waar deze twee samengaan ontstaat de verlichting. Een mens reist in zo’n voorstelling juist door de hevigste passies naar de wereld van de verlichting. Echter lang niet alle boeddhisten vinden dat deze weg werkt: er zijn er heel wat die deze praktijken juist met fervente passie afwijzen.

Er zijn wat dit betreft heel wat verschillende voorstellingen binnen het hindoeïsme en het boeddhisme te vinden. Het is te eenvoudig te stellen dat hindoes en boeddhisten maar één opvatting hebben op het gebied van erotiek en seks: er is sprake van een grote veelheid aan meningen, tradities en opvattingen.

Leave a Reply

Your email address will not be published.